Een thuisbatterij, een laadpaal, een inductieplaat, een warmtepomp: allemaal willen ze een eigen groep in de meterkast. In oudere woningen is de groepenkast daar niet altijd op gebouwd. Met de vijf punten hieronder zie je zelf al veel. Maak gerust een foto. Daarmee kunnen wij ook op afstand meekijken.
1. Hoeveel fases heb je?
Kijk naar de hoofdzekering van de netbeheerder, meestal links of bovenin de meterkast. Staat er bijvoorbeeld 1x35A, dan heb je een 1-fase aansluiting. Staat er 3x25A, dan heb je 3-fase. Voor een laadpaal die snel laadt of een grotere batterij is 3-fase vaak nodig. Sommige batterijen werken alleen op 3-fase, andere juist op 1-fase. Een zwaardere aansluiting vraag je aan bij je netbeheerder.
2. Is er nog plek in de kast?
Tel de vrije posities op de rail. Een laadpaal en een thuisbatterij hebben elk een eigen groep nodig, vaak als aardlekautomaat: een installatieautomaat en aardlekbeveiliging in één. Is de kast vol, dan is een kleine uitbreidingskast naast de bestaande kast vaak een nette oplossing. Zo pakken we het ook regelmatig aan bij thuisbatterijen.
3. Hoeveel groepen hangen er achter één aardlekschakelaar?
Volgens de norm NEN 1010 mogen er bij een nieuwe installatie maximaal vier groepen achter één aardlekschakelaar zitten. Hangen er meer achter, of zie je helemaal geen aardlekschakelaar (alleen schroefzekeringen of oude draaiknoppen), dan is de kast verouderd. Vervangen is dan meestal verstandiger dan uitbreiden.
4. Is er een hoofdschakelaar?
Een moderne groepenkast heeft een hoofdschakelaar waarmee je de hele installatie in één keer spanningsloos maakt. Dat is veilig bij werkzaamheden en handig in een noodgeval. Ontbreekt die, dan plaatsen we hem bij een uitbreiding meteen mee.
5. Kan je aansluiting het vermogen aan?
Een laadpaal kan tot 11 kW vragen, een warmtepomp een paar kW en een inductieplaat ook nog eens. Alles tegelijk past niet altijd binnen een 3x25A-aansluiting. Daar zijn twee oplossingen voor:
- Load balancing. De laadpaal kijkt via de slimme meter mee en laadt langzamer als het huis veel stroom gebruikt.
- Een thuisbatterij die pieken opvangt, zodat je minder vaak tegen de grens van je aansluiting aanloopt.
Uitbreiden of vervangen?
- Uitbreiden kan als de kast aardlekschakelaars heeft, niet overvol zit en de bedrading in orde is. Een uitbreidingskast met de nieuwe groepen is dan snel en voordelig.
- Vervangen is slimmer als er geen of te weinig aardlekschakelaars zijn, als je nog schroefzekeringen hebt of als je verkleurde of warme aansluitingen ziet. Dan maken we in één keer een kast die klaar is voor alles wat er de komende jaren bij komt.
